ADO Den Haag speelt tegen Groningen, bij een 3-0 stand, in de 88ste minuut verlaat Ebi Smolarek het veld. Hij wordt vervangen door Ali Boussaboun. Zodra Ali  één voet, binnen de lijnen, heeft gezet begint een groot deel van de Haagse supporters hem keihard uit te fluiten. Wat een losers, ongelooflijk, een schande! Je eigen spelers uitfluiten, zoiets doe je niet. Waarom zou je, je eigen spelers uitfluiten? Er zijn zoveel andere manieren om ze aan te pakken. Fluiten is voor mietjes. We zijn met veel, tegen Groningen, met 10.000 man. Als je toch iets wilt doen waarom dan niet gewoon keihard uitschelden, dat is wel het minste toch?

Ali is Marokkaan en als klap op de vuurpijl ook nog scheel. Daar kunnen wij, Hagenezen, toch wel een mooi spreekkoor voor bedenken. Inspiratie genoeg: schapen, kamelen, shoarma, opsporing verzocht noem het maar op. Bovengenoemde onderwerpen, in combinatie met een paar ernstige ziektes, daar moeten toch wel een paar mooie spreekkoren van te bouwen zijn waarmee je, je eigen speler tot op het bot kunt beledigen. Dat is toch veel beter dan zo’n lullig fluitconcertje, niet dan?
Vorig seizoen speelde Ali bij NAC. Hij werd toen geïnterviewd door De Opvluchters. In het tv-interview vertelde Ali dat hij bij veel clubs, onder andere: Feyenoord, Utrecht, Groningen, NAC had gespeeld maar dat er maar 1 club in zijn hart zit: Den Haag.  Zijn club,  zijn stad, zijn mensen! Ali keek in de camera en de clubliefde was in zijn ogen af te lezen. Ali en Den Haag, ware liefde!

De keerzijde van liefde is dat je keihard gekwetst kunt worden door degene van wie je houdt. Al die keren dat het Den Haag publiek zong dat Ali hun scooter terug moest geven deden de trotse Marokkaan zichtbaar pijn. Ook al begreep hij, diep in zijn hart, best dat de supporters het deden om hem uit zijn spel te halen.
Ali was als een kind zo blij dat hij, dit seizoen, weer voor zijn grote liefde kon gaan voetballen. Hij wil echt niets liever dan, iedere wedstrijd, vlammen, de harten van de Den Haag supporters veroveren. Iedere tegenstander afslachten, het liefst ritueel. Maar het loopt niet zoals Ali, en de supporters, het graag zien. En dat doet pijn!

Een paar wedstrijden geleden, ik weet niet meer welke wedstrijd, werd Ali voor het eerst uitgefloten. Hij reageerde door richting de supporters te klappen. Nu had hij het helemaal gedaan. Wat denkt die klootzak wel niet. Het gefluit werd harder en harder. Na de wedstrijd liep Ali langs de tribunes om het publiek te bedanken. Hij werd uitgescholden, kreeg nog een paar vreselijke ziektes naar zijn hoofd, als dank voor zijn inzet. Het deed hem zichtbaar vreselijk veel pijn. Zijn applaus, richting de supporters, stond symbool voor de pijn, de teleurstelling. Je wilt de harten van supporters veroveren. De supporters van de enige club, waarvan je echt houdt, en die gasten laten je vervolgens keihard vallen. Niet als een baksteen maar nog veel harder dan dat.

Je droomvrouw, waar je al jaren achteraan zit, vraagt je een avond mee uit. Je belandt bij haar in bed (lees, basisplaats). Tijdens het neuken (de wedstrijd) begint ze boe te roepen en te fluiten. Ze gooit je van haar af en begint je ook nog uit te schelden, paar ziektes erbij, omdat je, volgens haar, niet kan neuken. Dit alles terwijl je toch echt keihard je best hebt gedaan. Stel je dit voor en je weet hoe Ali Boussaboun zich moet hebben gevoeld in de wedstrijd tegen Groningen.

Steijn heeft Boussaboun mede aangetrokken vanwege zijn eredivisie-ervaring en zijn leiderskwaliteiten. Hij is belangrijk in de ‘kleedkamer’. ‘Als hij zo belangrijk is in de kleedkamer, laat hem dan lekker daar, Steijn!’, deze gedachte is de afgelopen weken regelmatig door mijn hoofd geschoten. Bijvoorbeeld als hij, na een aanloop van 25 meter, een vrije trap nam en de bal bijna het stadion uitschoot. Of na zijn idiote sliding, terechte rode kaart, in de wedstrijd tegen Ajax.  Voetbal is emotie en momenten van teleurstelling zal je, als fanatieke supporter, altijd houden. Ik heb dat niet alleen bij Ali. Ik heb dat bij iedere speler die een kutbal geeft, een stomme overtreding of een blunder maakt.

De fluitconcerten, gericht op spelers, doen me pijn. Niet alleen aan mijn oren maar ook aan mijn groen gele hart. Den Haag supporters zingen: ‘laat je club maar in de steek’, als zich ‘supporters’ noemende figuren, vijf minuten voor tijd, weggaan.  Wat mij betreft hebben de ‘zangers’ gelijk.  Maar laat je, je club dan niet in de steek als je, je eigen spelers uitfluit? Of zou Ali B beter gaan voetballen als hij wordt uitgefloten door de supporters van zijn eigen club? De club waarvan hij zielsveel houdt. Zeg het maar.

Ik hoop dat we, de laatste vier wedstrijden, de Ali Boussaboun  te zien krijgen zoals we hem graag willen zien. Zoals we hem kennen toen hij speelde in het Zuiderpark. Zoals we hem kennen toen die ‘klootzak’ een vrijetrap, vanaf 25 meter, scoorde, tegen ons, als speler van FC Utrecht. Maar bovenal hoop ik dat we weer met z’n allen, op het Ali, Ali, Ali, een paar diepe buigingen voor hem maken, net als vroegah, want Ali is één van ons!

 

Come on The Hague

Rene

U kunt nu ook via twitter reageren: GGH Twitter of Twitter Rene

Klik hier om meer column’s van Rene te lezen

Laat een antwoord achter

Je e-mail adres wordt niet gepubliceerd.