Mijn buren gaan al jarenlang naar dezelfde parenclub.  Mijn buurvrouw peinst er niet over om zich ergens anders uit elkaar te laten trekken door grote groepen mannen.  Mijn buren zijn trouw aan hun club. Zelfs als die grote neger met die enorme penis, een paar weken, niet komt opdagen blijven ze toch gaan want je laat je club niet in de steek. Mijn buren en hun parenclub, clubliefde pur sang.

Clubliefde is een apart fenomeen. Als jochie van zeven nam mijn vader mij voor het eerst mee naar het Zuiderpark om een wedstrijd van FC Den Haag te bezoeken.  Eerst langs snackbar De Sport, naast de Oost-tribune,  om een patatje met dubbel pindasaus te halen, als kleine jongen was ik al een pindasausjunk,  en vervolgens zo snel mogelijk het stadion in.

Zodra ik het stadion zag was ik onder de indruk van de schoonheid ervan.  Het Zuiderpark had een magische aantrekkingskracht op mij.  Het stadion ademde voetbal en bovendien werd ik gelijk gegrepen door de intimiderende sfeer in het stadion.  Een tsunami van fanatisme kwam van de tribunes af en dan die kleuren groen geel prachtig!  Na mijn eerste bezoek had ik mijn hart al verloren, voor altijd een Groen Geel Hart.  Mijn vader moest het niet in zijn kale hoofd halen om een thuiswedstrijd over te slaan. Ik zou en moest naar het  Zuiderpark voor de wedstrijd en uiteraard ook voor het patatje dubbel pinda.

Toen ik vijftien was verhuisde ik van de West-tribune naar Midden Noord.  De Noord-tribune is voor mij nog steeds de allermooiste tribune waar ik ooit op heb gestaan.  Een architectonisch pronkstuk dat vol stond met de meest fanatieke, leipe, creatieve en ludieke supportersgroep: FC Den Haag Northside.  De Northside was een apart fenomeen. Gasten die elkaar rond oud en nieuw, voor een kerstboom, met een fietsketting , de schedel insloegen stonden op de North-Side zij aan zij uiting te geven aan hun clubliefde.  Het voetbal was meestal kut maar we kwamen niet voor het voetbal.  Naast het voetbal was er altijd genoeg te zien. Zo werd er regelmatig een gozer op een grote vlag gepleurd die vervolgens , tijdens het jonassen, een meter of 10 de lucht in vloog.  Meestal ging het goed!.

Het was de tijd van Haagse bommen,  groen-gele rookpotten,  groen-gele kippen op het veld en “Haagse tieten”.  Haagse tieten, de ‘dame” ,  die overal op de schouders ging om haar tieten te laten zien onder luid gezang van de North-Side.  Bij alleen al het zingen van de ‘H’, van Haagse tieten, deed ze haar trui al omhoog.  De tieten van ‘Haagse tieten’ zijn nu nog de bekendste , voetbaltieten,  van Nederland.

Een prachtige anekdote is ook een verhaal van Henk Bres. Bij een uitwedstrijd tegen Ajax in De Meer hadden Den Haag supporters condooms meegenomen.  Deze werden volgezeken en vervolgens werden de fanatieke supporters van Ajax hiermee bekogeld terwijl het Haagse publiek: “Haagse zeik, Haagse zeik, Haagse zeik zong”

De Haagse humor, het fanatisme van de supporters, het  Zuiderparkstadion ik vond het prachtig en mijn clubliefde werd groter en groter.  De verhuizing naar het Kyocera stadion heeft daar geen verandering in aangebracht. Clubliefde staat los van een stadion, van de plaats op de ranglijst of van passanten zoals bestuurders/trainers/spelers .  Ik heb geen tattoos dus ook geen tattoo van mijn club maar ik zal ook nooit zeggen dat een andere club tien keer mooier is. FC Den Haag is voor mij de mooiste club en zal dat altijd blijven!

Het meest indrukwekkende voorbeeld van clubliefde werd ik vorige week mee geconfronteerd.  Toen de 13 jarige Ricky Spaans te horen kreeg dat, na 1,5 jaar, de leukemie bij hem terug is en hij een zwaar behandelplan moet ondergaan, inclusief chemo’s en een beenmergtransplantatie, waren zijn eerste woorden: “nou mis ik ADO Den Haag tegen Ajax”.

Tsja daar word je stil van!!!!!!

Come on Ricky SpaansRene

U kunt nu ook via twitter reageren: GGH Twitter of Twitter Rene

Klik hier om meer column’s van Rene te lezen

Fly-Over Leaderboard

Laat een antwoord achter

Je e-mail adres wordt niet gepubliceerd.